Page 3 - Kijk op zijn omgeving
P. 3

Het uitgestrekte veengebied ten noorden van Haule is eeuwenlang onberoerd gelaten.
 Het was woest en onherbergzaam en de mens waagde zich ternauwernood.
 Het bestond hoofd zakelijk uit hoogveen. Even als de Haule bestonden de andere dorpen van
 Ooststellingwerfal. Van Olderberkoop lezen we al van 1228, Donkerbroek van begin 1400en
 de Haule van 1600. Haulerwijk is het jongste dorp van de gemeente Ooststellingwerf
 De veenexplotatie voor dat gebied is begonnen van uit Drachten.
 Het zal ongeveer 1718 zijn als de vaart van uit Drachten via Ureterp Wijnjewoude en
 Bakkeveen door getrokken is tot het tegenwoordige Waskemeer.
Er komt werkgelegenheid turf moet worden gegraven, droog gemaakt, en om de turfte
vervoeren naar het westen van het land. De veengronden behoren aan de Compagnons welke
 'het veen weer aan veenbazen, die het werk weer laten uitvoeren. De arbeiders waren hun
 slachtoffers. Te gelijk met het doorgraven van de vaart, in oostelijke richting, worden ook
 dwarswijken gegraven . De afstand tussen twee wijken was van midden de wijk van de
volgende 225 meter, verdeeld in vier stukken van elk 55 meter. In Haulerwijk noemde men het
stuk grond tussen twee wijken, wanneer het hoogveen was afgegraven" Leije".
Met de werkgelegenheid moet er ook huisvesting komen.

In 1748 staan er al een paar woningen in het tegenwoordige Waskemeer.
In 1774 stonden er 40 woningen, 10 hadden er een 2 twee en de rest had geen schoorsteen.
Van die woningen moet men zich niet te veel van voorstellen, het was meest al op de heide wat
eentonige hutten, van plaggen of minderwaardig hout op getrokken, met heide plaggen of met
riet gedekt. Men moest wel een opmerkzaam waarnemer zijn, wilde men in de flauwe
welvingen op de heide het plaggendak van een woning ontdekken, want vaak hadden de jonge
bewoners zich voor de oplossing van hun huisvestingsprobleem niet meer moeite getroost dan
het uitgraven van aardhopen, die langs de vaart lagen, die door het graven daarvan waren
overgebleven. Woningen - hoe kon men er van spreken ! Holen waren het, klam en vochtig in
de herfst en winter, met een verstikkende atmosfeer als er een vuur in brandde, want de enige
uitweg, die de rook had, was vaak de deuropening. In het midden van deze eenkamerwoning
met haar lemen vloer kon men soms een wankele tafel en een paar door anderen afgedankte
stoelen vinden, in een hoek stond het ''bed", een stroleger op takkenbossen met vodden
overdekt, broedplaats voor allerlei ongedierte en tuberbacillen..
De bouw eiste echter weinig meer deskundigheid en tijd. Het is zelfs voorgekomen dat de
buren de woning optrokken terwijl de toekomstige bewoners naar het gemeentehuis in
Oldeberkoop waren meer dan vier uur lopen, om zich in de echt laten verbinden. Tot 1885
zetelde het gemeente bestuur in Oldeberkoop daarna in Makkinga. Ja het kon gebeuren, dat
men 's morgens op een stuk land of heide waarvan het eigendomsrecht betwist werd, een hut
vond staan, die tijdens de nacht opgetrokken was en waardoor de (vermeende) eigenaar dan
voor een voldongenfeit was gesteld.

Het onderwijs.
Door de vervening breid de bewoning dus het dorp uit in oostelijke richting, er komt behoefte
aan een school, de afstand naar de school in thans Waskemeer is te groot.
Er komt een briefwisseling tussen de Gouveneur van Friesland en de Griendman van
Ooststellingwef In een briefvan 1824 vraagt de Gouveneur hoe groot de afstand is van de
scholen van Haulerwijk en Haule , en vraagt ook ofuit de gemeentekas ook zoveel kan
worden bijgedragen, dat de schoolmeester jaarlijks een traktement van 300 gulden zou kunnen
krijgen. De Grietman ziet hiertoe geen mogelijkheden, omdat de schoolmeesters in de andere
dorpen dat ook, en terecht, zullen vragen. En de "Grietenijkas" kan dat ook niet dragen. De
zaak gaat niet zo snel. In 1827, 3 jaar later, wordt er opnieuw gecorrespondeerd.
   1   2   3   4   5   6   7   8